Draaischijf - Genzelbahn

Zoeken
Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Infrastructuur

Draaischijf


Over het algemeen zijn modelspoorbanen zodanig aangelegd, dat er steeds rondjes gereden kunnen worden. Wil men dus bij wijze van spreken uren achtereen door willen rijden, dan kan dat. De Genzelbahn is daar een uitzondering op. Dat heeft u ook kunnen lezen op de andere pagina's op deze site. Door de ligging van het station is het niet mogelijk om een spoorbaan aan te leggen waar de treinen steeds op rond kunnen rijden.

Toen duidelijk werd dat de Genzelbahn een volwaardige spoorbaan zou worden op het Familiepark Nienoord, is besloten een kopstation aan te leggen met een draaischijf. Het station was er al, maar de draaischijf nog niet. Dat was immers ook niet nodig in de eerste jaren. De lengte van de spoorbaan was nog bescheiden en er werd dus steeds heen en weer gereden. Maar bij een langere spoorbaan hoort ook een draaischijf, zeker als er stoomlocomotieven op deze spoorbaan rijden.

In het midden van de jaren '80 is begonnen met de bouw van een draaischijf. Onder een draaischijf verstaan we in dit geval de brug waar de locomotief op wordt gedraaid. Deze brug is gemonteerd in een betonnen ronde kuil, wat trouwens het woord draaischijf meer tot zijn recht laat komen. Op deze pagina wordt deze betonnen ronde kuil verder aangeduid met draaischijfkuil. Want het een kan niet zonder het ander genoemd worden.

Met de bouw van de draaischijf zelf is dus midden jaren '80 begonnen. Egbert Haaijer is de bouwer van deze draaischijf. Tijdens de bouw is gebleken dat er niet echt een eenheid was in de bouw van draaischijven in Duitsland. Foto's en boeken werden geraadpleegd. Het werd al gauw duidelijk dat elke brug weer anders was qua kleurstelling, draaischijfkuil, lengte en constructie. De brug is dus niet gemaakt aan de hand van een bestaand voorbeeld, maar heeft wel duidelijk trekken van een Duitse draaischijfbrug.



De draaischijfkuil


Tijdens de bouw van de draaischijfbrug werd ondertussen de spoorbaan uitgebreid inclusief de keerlus. Het werd daarom al wel wenselijk om de locomotief te kunnen draaien na elke rit. Daarom is in 1988 al begonnen met de aanleg van de draaischijfkuil. Daarbij werd rekening gehouden uiteraard met de latere plaatsing van de draaischijfbrug. In de zomer van 1988 is in een week tijd de basis gelegd voor de draaischijfkuil.

De kuil heeft aan de binnenzijde een diameter van ongeveer 3,60 meter. Deze kuil is eerst helemaal uitgegraven en daarna is er rondom een drainagebuis aangelegd voor de afvoer van regen- en grondwater. Omdat de draaischijf in de toekomst elektrisch bedient gaat worden, is ook hiervoor al een leiding aangelegd. Immers, dat kan niet meer als het beton gestort is. De bodemplaat is gemaakt van gewapend beton. Vele kruiwagens beton zijn er gestort om de "vloer" te leggen.

De kuil was na het storten van deze vloer nog lang niet klaar. Uiteraard moest er een opstaande rand worden gemaakt waarop de rails zou worden bevestigd. Deze rand is opgebouwd uit stenen en afgewerkt met een betonnen afwerkingslaag. Ook de vloer is voorzien van een afwerkingslaag. Deze laag is niet vlak, maar loopt enigszins rond in een V-vorm. Waarbij het onderste punt van deze V-vorm op gelijke hoogte is als het afvoerputje. Op deze manier blijft er vrijwel geen water in de kuil staan.

Ook is er nog een opstaande stalen rand aangebracht langs de rand van de kuil. Deze is ervoor om de brug later in te kunnen vergrendelen als deze voor het juiste spoor ligt en er een locomotief de draaischijfbrug op of af rijdt. Op de bodem van de kuil is een rail rondom aangelegd waar de draaischijfbrug zichzelf op kan laten draaien. Ook het aanbrengen van deze railstaaf is een beste klus geweest. De railstaaf zit namelijk met 120 platen vast aan de betonnen ondergrond. En elke plaat zit weer met twee keilbouten vast. U kunt wel nagaan dat het aanleggen van een en ander een precies klusje is geweest.

Toen de draaischijfkuil gereed was en aangesloten op de spoorbaan, werd er een provisorische draaischijfbrug gemaakt. Deze brug is te zien op de afbeelding rechts en heeft tot de Internationale Stoomdagen van 2009 dienst gedaan. Sinds 2009 draaien we de locomotieven met de door Egbert Haaijer gemaakte brug. Voorals nog met de hand, maar dat zal ter zijner tijd geautomatiseerd worden. De draaischijfbrug maakt gebruik van de rail die in de kuil aanwezig is. Het draaien gaat trouwens erg licht, want de brug is voorzien van kogellagers.

In 2007 is de kuil aan de buitenkant rondom voorzien van tegels. Deze tegels liggen de opstaande stalen rand aan en geven het geheel een afgewerkt aanzicht. Ook de bestrating rondom de kuil is helemaal opnieuw gelegd.



De draaischijfbrug


De brug zelf is een klus van een hele andere orde. Ook dit is modelbouw, net als het bouwen van een stoomlocomotief. Zoals eerder genoemd op deze pagina is Egbert Haaijer (overleden in 2008) de bouwer van deze draaischijfbrug. Hij heeft ongeveer 20 jaar aan deze brug gewerkt. Tijdens de Internationale Stoomdagen van 2003 is de draaischijfbrug te zien geweest in de expositietent en gedemonstreerd aan de bezoekers.

De brug is sinds 2009 is de definitieve draaibrug in dienst gekomen. Brede grendels zorgen ervoor dat de brug goed ligt en de locomotief er veilig op en af kan rijden. Dit vergrendelingsmechanisme zal uiteindelijk met perslucht worden bediend. Ter controle van een juiste vergrendeling is de brug ook voorzien van seinen. Deze seinen zijn gekoppeld aan de grendels.

Tijdens de Internationale Stoomdagen 2009 bleek er gelijk al een kinderziekte in de brug te zitten. Het draaien ging namelijk enorm zwaar op de eerste dag. Bij nader inzien kwam dat door de lagers in de wielen. Deze waren niet goed en zijn derhalve vervangen door nieuwe exemplaren. Sindsdien draait de draaibrug enorm licht en is het een aanwinst voor de Genzelbahn.

De draaibrug is overigens voorzien van een bedieningshuisje met bedieningstafel. Zowel in het huisje als in de seinen is verlichting aangebracht.



 
Copyright 2015. All rights reserved.
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu